Dikbuikige grapefruits – deel 2

Vanochtend weer een rondje Emmeloord. Na de vorige exercitie (m’n eerste sportieve activiteit in maanden) duurde het meer dan een paar dagen voor ik van mijn spierpijn af was :-0 Maar nu kon het weer.

Waar ik in het verleden altijd een vast rondje om de wijk hobbelde doe ik het nu anders. Verleden keer heb ik het uitgelegd. In plaats van me met ondergebonden Asics loopsloffen over een vastgesteld traject te verplaatsen loop ik nu gewoon een bepaalde tijd. Het gaat tenslotte om de verrichte arbeid. Niet welk rondje je loopt. Drie kwartier is een aardige uitgangstijd om wat vet te verbranden. Hopelijk kan ik na verloop van tijd overschakelen naar een uurtje rennen, maar vooralsnog is 45 minuten meer dan genoeg voor een stoffel de schildpad als ik.
Het voordeel van deze aanpak: je kunt gewoon blind een stuk gaan rennen. De ene keer ga je hierheen. De volgende keer neem je een heel andere route.

Het is trouwens geweldig om een stukje te rennen in een dorp als Emmeloord. Een hoop mensen denken wellicht dat de Noordoostpolder alleen maar vlak is en bestaat uit dodelijk saaie stukken plat weiland. Da’s niet waar. Er zijn plenty bossen en bosjes in de polder te vinden. Die zijn aangelegd juist met het oog op het creeĆ«n van luwte. Ruim 60 jaar na het droogvallen van de NOP is de begroeiing gevarieerd te noemen. Dus je hoeft je absoluut niet door een kaal landschap te worstelen als je een stukje gaat rennen.

Het geeft gewoon een harstikke goed gevoel. Een rondje draven door een mooi dorp. Met een Ipodje Nano die de muziek verzorgt. Rammstein en de Red Hot Chili Peppers. Je voelt je er zooo goed en levend(ig) bij dat je ter plekke dood zou willen gaan. Is dat trouwens een contradictio in terminus? Of een oxymoron?

Kaart weergeven

Your comment

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.