Gottogot, wat is de stilte toch lekker

Normaal ben ik eigenlijk niet zo van het hardlopen laat op de avond. Tien uur, da’s gewoonlijk het tijdstip dat sportief bezig zijn al mijlenver achter met ligt. But not tonight. Mrs T. brengt een bezoekje aan de sportschool en ik moet wachten totdat zij uitgebodybalanced en -gezweet is voordat ik op pad kan om mezelf een shotje sport toe te dienen.

Ik ben absoluut niet van plan om me uit te sloven. Op deze late dinsdagavond denk ik eerder aan een uiterst relaxt rondje, op een tempootje tussen 5 minuut 30 en 6 minuten per kilometer .

Het is opvallend stil op straat. Ik kom vrijwel niemand tegen, behalve een paar honden plus baasjes. Niks om me zonder om te maken. De gemene bijtbeesten zijn binnengebleven. Vanavond zijn het louter vriendelijke, suffig naast de baas meesloffende Labradors die moeten plassen.

Gottogot, wat is het lekker stil. Dat was afgelopen week wel anders. Van alle kanten liepen ze tegen me aan te zaniken toen ik aan het hardlopen was.

De semi-olijke kids op vrijdagmiddag: “Meneer, het is winter. Waarom heeft u een korte broek aan? Hahaha”. [ zucht ] En op zondag waren de paardenmeisjes in het Emmelerbos diep verontwaardigd toen ik zomaar langs een paard in de wei zoefde in plaats van op kousenvoeten langs het edele dier te sluipen: “U mag niet rennen bij paarden. Kijk! Ziet u nu wat u doet? Nu is-ie helemaal van streek”. [ dubbelzucht ]

Vanavond zijn er geen mensen die aan m’n slakkenkop zeuren over hypernerveuze paarden met een bijna-burnout en mijn hartfrequentie blijft dan ook aangenaam laag: 131 gemiddeld. Maar zelfs dat is nog een vertekend getalletje. Het gevolg van de eerste kilometer, waarin het ding (lees: m’n Garmin Forerunner) poing doorslaat naar de 170+ BPM.

“Hmmm, dát lijkt me niet helemaal jofel”, brom ik met een zeker gevoel voor understatement, als ik de geregistreerde hardloopdata uitlees op m’n computertje.

In Endomondo ziet het er ook nogal bizar uit, de grafiek met m’n hartslag bedoel ik. Aan de linkerkant is een soort van hoogvlakte, alsof m’n slakkenlijf zich helemaal de pleuris schrok omdat er ter elfder ure nog fysieke arbeid verricht moest worden. En dan volgt een diep ravijn. En tenslotte — tot aan het eind van ‘t duurloopje — een nette vlakke lijn van sportieve berusting. Wat vind m’n sporthart de stilte toch lekker.

Your comment

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.