Over dikbuikige grapefruits

Had ik al eens gezegd dat dit blog lijdt aan een chronische vorm van unfocus? Dan weet je het nu.

Geen technopraatje, maar een paar regels persoonlijk geleuter over mijn strijd tegen de obesitas. Elders op deze website staat te lezen dat ik begin 2004 mijn laatste pakje Drum shag aan de wilgen hing en mijn ** kuch ** mijn hardloopcarriere weer opgepakte om mijn lichamelijke conditie wat te pimpen. Da’s niet gelogen, maar het laatste jaar stonden mijn fysieke sportinspanningen op een laag pitje. Met de sportieve inspanningen leek ik bijvoorbeeld op een jojo. Die 12 kilometer in een uurtje ronddraven haal ik op het moment niet meer 🙁

Een kniesoor die daarop let. Nieuwe ronden, nieuwe kansen. Een nieuw kalenderjaar is een prima punt voor een verse start. Gewoon met een schone lei beginnen. Met frisse moed ertegen aan. Het is nooit te laat voor een tweede kans. Hey, bedenk een cliché-matige uitspraak en hij is op mij van toepassing.

Het was alweer twee en halve maand geleden dat ik een rondje in de wei gedraafd heb, maar vandaag heb ik de daad bij het woord gevoegd. Hardloopkicksen. Check. Loopbroek uit de kast. Check. Het was even zoeken naar mijn iPod Nano, maar tenslotte ook check. Alle attributen heb ik nog.

In tegenstelling tot het verleden kies ik nu voor een andere aanpak. Geen plichtmatig rondje om de nieuwbouwwijk de Erven in Emmeloord. In plaats daarvan gewoon blind een stukje rennen. Destination unknown zal ik maar zeggen.

De reden
Het hardlopen doe ik om mijn transformatie tot dikbuikige grapefruit tot stilstand te brengen en zo mogelijk ongedaan te maken. Laat die semi-grappige opmerking over dat gereedschap dat onder een goed afdak moet hangen liever niet op mij van toepassing zijn.

De opzet
De opzet is simpel. Rennen totdat ik moe ben, de benen wat beginnen te zeuren en ik eigenlijk geen zin meer heb. En dan gewoon nog eigenwijs 10 minuten eraan vastknopen. Zodat het tenminste echt pijn doet. In mijn geval kwam dat vanochtend neer op zo’n drie kwartier rennen. Nog een stukje uitlopen en een heel klein beetje rekken en strekken en een uurtje van mijn zaterdag was nuttig besteed.

De gedachtengang
Ik loop niet voor de snelheid. De vaart is er al jaren uit! Da’s eigenlijk geen wonder ook. Ik vergelijk mijn huidige conditie altijd met die toen ik nog mijn rondjes draaide op de Oirschotse tankbaan. Maar da’s niet reeel. Ik was half in de twintig en als er meer dan drie Baufort wind stond werd er een weerwaarschuwing voor mij uitgestuurd. Anno 2008 ben ik tussen de tien en 15 kilo te zwaar. Het komt er in feite op neer dat ik mijn hardloopactiviteiten uitvoer met een MAG machinegeweer (die weegt 10,5 kilo) aan mijn lijf.

Het maakt niet uit of ik een haas of een schildpad. Als ik maar met regelmaat het dorp blijf ronddraven verlies ik vanzelf mijn overtollig lichaamsvet. En met, zeg tien, kilo babyblubber kwijt wordt het vanzelf gemakkelijk om het lichaam op een sportieve manier te verplaatsen. Dan komt het met de snelheid misschien ook nog enigzins goed.

Heeft deze blogpost dan helemaal niks met techniek te maken? Nou, zijdelings toch wel. Op een low tech manier: in Google Maps kun je, als je je eigen kaart maakt, makkelijk bekijken hoeveel metertjes je hebt afgelegd. En dan blijkt dat ik mijn Olympische aspiraties nog even in de ijskast kan zetten 🙂

Google Maps kaartje weergeven

Your comment

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.